Fonds Leren en Ontwikkelen Wooncorporaties
logo Flow Euro Portal

Beleid vervoer

Station met treinen
Bron: © European Union, 2017

De vervoerssector draagt voor ongeveer 5 procent bij aan het Europese BNP. De vraag naar vervoer neemt elk jaar met gemiddeld 2 à 3 procent toe. Een aanzienlijk deel van het vervoer vindt plaats tussen de EU-lidstaten over de landsgrenzen heen. Met de toename van de omvang van het vervoer is ook de Europese betrokkenheid gegroeid.

Het vervoersbeleid van de Europese Unie heeft in hoofdlijnen het doel om transport schoner te maken, eerlijke concurrentie mogelijk te maken, de veiligheid te bevorderen en om drempels voor internationaal vervoer tussen en binnen lidstaten wegnemen.

De EU geeft jaarlijks miljarden uit voor steun aan projecten op dit terrein. Verreweg het meeste geld gaat naar medefinanciering van grote infrastructurele projecten die erop gericht zijn de transportnetwerken in de EU-lidstaten beter op elkaar aan te laten sluiten. Daarnaast is er ook geld voor innovatie, zoals voor onderzoek naar schonere brandstoffen of naar de toepassing van ICT in de transportsector.

Inhoud

  1. Staand beleid
  2. Mijlpalen
  3. Wie doet wat
  4. Meer informatie

1.

Staand beleid

Budget

De Financieringsfaciliteit voor Europese verbindingen, ook wel de 'Connecting Europe Facility' (CEF) genoemd, is een faciliteit waarmee de Europese Commissie investeert in onder meer een beter Europees vervoersnetwerk. Voor de transportsector is er in de periode 2014-2020 een budget beschikbaar van plusminus 24 miljard euro.

Doelstelling

De doelstellingen van het vervoersbeleid verschillen per sector. De betreffende sectoren zijn:

  • zee- en binnenvaart
  • personen- en goederenvervoer per spoor
  • wegtransport en groepsvervoer op de weg
  • luchtvaart

De belangrijkste kenmerken van het beleid zijn het creëren van open markten met eerlijke concurrentie, het bevorderen van de veiligheid en het milieu, en het verder verbinden van de Europese verkeersnetwerken.

Zeevaart en overig vervoer over water

Vervoer over water neemt een belangrijke plaats in de Europese transportsector in. Het goederenvervoer over de 37.000 kilometer aan binnenvaartroutes in de Europese Unie is goed voor tussen de 4 en 4,5 procent van alle vervoersstromen in de EU. De zeescheepvaart is goed voor een aandeel van ongeveer 32 procent van alle vervoersstromen in de EU. De zeescheepvaart is essentieel voor onze handel; 90 procent van alle handel tussen de EU en de rest van de wereld gaat per schip.

Het beleid heeft de volgende doelen:

  • liberalisering van internationaal vervoer over zee
  • strengere veiligheidseisen aan schepen en het bevorderen van arbeidsomstandigheden van zeelieden
  • het beperken van milieuschade door scheepvaart, bijvoorbeeld door een verbod op afvaldumping of het stimuleren van de ontwikkeling van zuinigere schepen

De uitvoering van Europees beleid ligt bij de lidstaten. Het Europees Agentschap voor Maritieme Veiligheid ondersteunt lidstaten bij de controle op de veiligheid en de inrichting van milieumaatregelen in de zeescheepvaart.

Spoorwegen

Het vracht- en personenvervoer per spoor is goed voor bijna 12 procent van alle vervoersstromen binnen de EU. Om het gebruik van het spoor te stimuleren richt het Europees beleid zich op de volgende zaken:

  • concurrentie bevorderen door staatsmonopolies te verbieden en het toestaan van buitenlandse aanbieders
  • bevorderen van de veiligheid, bijvoorbeeld met het European Rail Traffic Management System (ERTMS) ter voorkoming van treinbotsingen
  • betere spoorverbindingen tussen lidstaten

Het Europees Spoorwegbureau adviseert de lidstaten en de Europese instellingen, en speelt een belangrijke rol in het verstrekken van typegoedkeuringen van spoorwegvoertuigen.

Wegtransport

Bijna de helft van al het transport in de Europese Unie gaat over de weg; vrachtwagens leggen tezamen honderden miljarden kilometers per jaar af op de Europese wegen. Het Europese beleid beslaat alle facetten van het wegtransport, van markttoegang tot verkeersveiligheid. Veel van deze regels zijn ook van toepassing op het vervoer van personen. Een overzicht:

  • een open markt voor wegtransport, waarbij transportbedrijven in de hele EU mogen opereren
  • eisen voor schonere en zuinigere voertuigen. Deze normen worden jaarlijkse verder aangescherpt
  • regels voor vignetten en tolheffingen
  • opleidingseisen voor chauffeurs

Het Europese actieprogramma voor verkeersveiligheid is ook voor het wegtransport van belang. Hieronder vallen maatregelen als de harmonisatie van verkeersborden en het uitwisselen van gegevens van verkeersovertreders, maar ook het stellen van extra eisen aan voertuigen die het voor zowel de inzittenden als de medeweggebruikers veiliger moeten maken.

Luchtvaart en overig luchtverkeer

De luchtvaart heeft de afgelopen twintig jaar een enorme groei doorgemaakt. Het luchtruim kampt met toenemende drukte en Europese regelgeving is noodzakelijk. Ondanks de extra vliegkilometers neemt de luchtvaart maar een heel klein aandeel van alle de vervoersstromen binnen de EU voor haar rekening, slechts 0,1 procent.

Het beleid heeft de volgende doelen:

  • eerlijker concurrentie tussen luchtvaartmaatschappijen
  • een schonere luchtvaart, onder meer door heffingen op CO2-uitstoot
  • regels voor tarieven voor passagiersluchtvaart

De uitvoering van Europees beleid ligt bij de lidstaten. Het Europees Agentschap voor de Veiligheid van de Luchtvaart ondersteunt lidstaten bij het waarborgen van de controle op de veiligheid, en is verantwoordelijk voor de typegoedkeuringen van vliegtuigen en vliegtuigonderdelen. De EU werkt ook nauw samen met Eurocontrol, de Europese organisatie die zich bezig houdt met de luchtverkeersleiding in Europa.

Overige zaken

Het vervoersbeleid is nauw verweven met een aantal andere Europese beleidsterreinen. Het vrij opereren van vervoerders in de EU sluit aan bij het beleid over de interne markt. De rechten van passagiers, bijvoorbeeld bij vertraging of verloren bagage, vallen onder het consumentenrechtenbeleid. Het bevorderen van schoner vervoer moet het Europese milieubeleid aanvullen, en voor met name de luchtvaart geldt dat in het kader van het anti-terrorismebeleid een aantal veiligheidsmaatregelen zijn genomen. Voor het transport over water geldt dat het maritiem- en visserijbeleid ook van belang is voor de sector.

Verder wil de Europese Unie via onderzoek en proefprojecten innovatie in het vervoer stimuleren. Deze innovatie moet als doel hebben om voertuigen schoner, zuiniger en veiliger te maken, alsmede het verbeteren van verkeersbeheerssystemen. Een voorbeeld hiervan is het stimuleren van productie van bussen met brandstofcellen, of de ontwikkeling van binnenvaartschepen die veel minder weerstand genereren.

2.

Mijlpalen

  • Galileo

    Galileo is een mondiaal, civiel satellietnavigatiesysteem dat momenteel wordt ontwikkeld door de Europese Ruimtevaartorganisatie ESA en de Europese Commissie. Dit project is het grootste Europese ruimtevaartproject ooit. Galileo is sinds december 2016 operationeel en is in principe voor iedereen gratis toegankelijk. Met dit civiele satellietnavigatiesysteem wil Europa onafhankelijk worden van het Amerikaanse GPS.

Oprichting agentschappen

Lees meer

Bron

Taal

Soort Informatie

Europese Unie

NL

Vervoersbeleid: portaal: spelers, regelgeving en introductie

3.

Wie doet wat

Bij de besluitvorming op dit beleidsterrein spelen de Europese Commissie, de Raad en het Europees Parlement een rol. De besluitvorming verloopt volgens de gewone wetgevingsprocedure.

 

Europees orgaan

Verantwoordelijke

Europese Commissie

Eurocommissaris voor Vervoer

Parlementaire Commissie EP

parlementaire commissie Vervoer en Toerisme

Nederlands lid Commissie EP

Lid/leden


Plaatsvervanger(s)

Raad van de Europese Unie

Raad vervoer, telecommunicatie en energie

Nederlandse afvaardiging Raad van de Europese Unie

Cora van Nieuwenhuizen-Wijbenga (VVD), minister van Infrastructuur en Waterstaat

Invloed nationale parlementen

Het Nederlandse parlement heeft ook een rol in de totstandkoming van Europees beleid. Dat kan formeel op twee manieren. Ten eerste controleren de Eerste en Tweede Kamer de minister of staatssecretaris die naar de Raad van de Europese Unie gaat, en kunnen zij de bewindspersoon een opdracht meegeven. Ten tweede kunnen nationale parlementen van de lidstaten binnen acht weken nadat de Europese Commissie een voorstel heeft bekendgemaakt laten weten dat de Europese Unie zich niet met het onderwerp zou moeten bezighouden.

Vanuit het Nederlandse parlement zijn bij dit beleidsterrein betrokken:

 

Nederlands orgaan

Verantwoordelijke

Tweede Kamer

Vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu (I&M) - Tweede Kamer

Eerste Kamer

Eerste Kamercommissie voor Infrastructuur, Milieu en Ruimtelijke Ordening (IMRO)

Betrokken bij wetgeving en uitvoering

 

Nederlands orgaan

Verantwoordelijke

Directoraat-Generaal

DG Energie en vervoer

Agentschap

Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart

Agentschap

Europees Agentschap voor maritieme veiligheid

Agentschap

Europees Spoorwegbureau

Agentschap

Uitvoerend Agentschap voor het trans-Europees vervoersnet

4.

Meer informatie

Europese Unie

Algemeen overzicht EU

Factsheet Europees Parlement

Wetgevingsoverzicht

Statistiek

Inhoud

  • Home
Geachte bezoeker,
De Stichting Fonds Leren en Ontwikkelen Wooncorporaties (FLOW) waardeert het dat u mee wilt doen aan onze enquête. De uitkomst van deze enquête wordt gebruikt om de website beter op uw wensen af te stemmen.
Het invullen van de vragenlijst duurt slechts enkele minuten.
Klik op Doorgaan voor het invullen van de enquête. Klik op Stoppen voor het verlaten van dit scherm.