Fonds Leren en Ontwikkelen Wooncorporaties

Woningcorporaties en het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling - Flow Kenniscentrum

Flow Kenniscentrum
logo Flow Euro Portal

bij Woningcorporaties en het Europees ...

Het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) is een van de zogenaamde structuurfondsen. De lidstaten zijn verantwoordelijk voor het besteden van de toebedeelde gelden door middel van Operationele Programma’s. Uit het EFRO worden zowel Interreg, Urbact als Urban Innovative Projects gefinancierd. In 2009 paste de Europese Commissie de doelstellingen voor de EFRO-gelden aan, zodat ze ook ten goede kunnen komen aan het verbeteren van energieprestaties van woningen. Daarnaast kunnen regio’s investeren in sociale infrastructuur, de fysieke sanering van achtergestelde stedelijke en rurale gemeenschappen en een verbetering van het stadsmilieu in het algemeen.

1.

Voortgang dossier

Het EFRO draagt in de periode 2014-2020 bij aan vier prioriteiten:

  • • 
    Innovatie en onderzoek
  • • 
    Digitale agenda
  • • 
    Steun voor het mkb
  • • 
    Koolstofarme economie

Voor de periode 2014-2020 beschikt het EFRO over een bedrag van € 183,3 miljard, een daling ten opzichte van de € 201 miljard die in de vorige periode beschikbaar was. Nederland mag hiervan € 500 miljoen verdelen, waarvan € 190 miljoen voor het landsdeel West, € 114 miljoen voor Zuid, € 104 miljoen voor Noord en € 100 miljoen euro voor Oost. In de periode 2007-2013 ontving Nederland nog € 830 miljoen.

In de periode 2014-2020 gebruikt Nederland het geld voor twee doelen: innovatie en onderzoek en de koolstofarme economie. Van het totale bedrag wordt minstens 50% van het budget geïnvesteerd in stedelijke gebieden. Ongeveer 10 miljard euro wordt aan strategieën voor duurzame stedelijke ontwikkeling toegewezen.

Een voorwaarde voor het ontvangen van deze bedragen is dat dit bedrag door de Nederlandse overheid of private bedrijven wordt verdubbeld. Dit heeft te maken met het door de EU gehanteerde concept van cofinanciering, waarbij de financiering voor de projecten niet volledig mag afhangen van de investering van die de EU erin doet.

Het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling zal zich tijdens de periode 2021-2027 concentreren op de eerste twee prioriteiten: innovatie en onderzoek en de digitale agenda. Tussen 65 en 85 procent van de gelden van het EFRO en Cohesiefonds zullen aan deze prioriteiten besteed worden, afhankelijk van de relatieve rijkdom van de lidstaten. Omdat de toewijzing van subsidies nog steeds grotendeels gebaseerd is het Bruto Binnenlands Product per inwoner, worden er voor de volgende periode nieuwe criteria aan toegevoegd. Zo zal men vanaf 2021 ook rekening houden met jeugdwerkloosheid, opleidingsniveau, klimaatverandering en het verwelkomen en de integratie van migranten. Dit om een betere weergave van de realiteit te weerspiegelen.

2.

Effect op woningcorporaties

Tot 4% van het EFRO mag besteed worden aan de energie-efficiëntie van gebouwen. Dat komt Europawijd neer op ongeveer € 8 miljard. In Nederland gaat het om tientallen miljoenen. Ook kunnen woningcorporaties subsidies aanvragen voor het bouwen van nieuwe woningen, niet enkel voor renovaties. De subsidie moet de sociale cohesie ondersteunen. Daarom leent de subsidie zich bij uitstek voor nieuwbouwprojecten van woningcorporaties. Ondersteuning kan niet met terugwerkende kracht worden aangevraagd en geldt dus alleen voor nog te realiseren renovaties of nieuwbouw.

De gelden worden op nationaal niveau verdeeld. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) coördineert de besteding van het geld uit de structuurfondsen in Nederland op de manier de is vastgelegd in de Uitvoeringswet EFRO.

3.

Beïnvloedingsmogelijkheden

Het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling is als Verordening 1301/2013 in werking getreden, waardoor er geen beïnvloedingsmogelijkheden op het beleidsmatige aspect meer zijn.

4.

Stakeholders

Op Europees niveau is DG Regionaal en Stedelijk Beleid van de Europese Commissie de belangrijkste stakeholder. De verantwoordelijke eurocommissaris is Corina Creţu. In het Europees Parlement bepaalt de commissie Regionale Ontwikkeling het standpunt van het EP, in de Raad van de EU is de Raad Algemene Zaken een belangrijke speler.

Op Nederlands niveau zijn de managementautoriteiten van de vier Operationele Programma’s de voornaamste stakeholders. Zij beschikken over de middelen en behandelen de subsidieverzoeken. De regionale projecten van Nederland worden beheerd door respectievelijk Noord- , Zuid- , Oost- en West-Nederlandse samenwerkingsverbanden op provinciaal niveau.

5.

Meer informatie

Voor meer informatie over de regionale projecten:

 
  • Home
Geachte bezoeker,
De Stichting Fonds Leren en Ontwikkelen Wooncorporaties (FLOW) waardeert het dat u mee wilt doen aan onze enquête. De uitkomst van deze enquête wordt gebruikt om de website beter op uw wensen af te stemmen.
Het invullen van de vragenlijst duurt slechts enkele minuten.
Klik op Doorgaan voor het invullen van de enquête. Klik op Stoppen voor het verlaten van dit scherm.